De schenkbelasting kent verschillende vrijstellingen. Wat zijn de gevolgen als er meerdere schenkingen plaatsvinden waarop verschillende vrijstellingen van toepassing zijn?

Schenken

Fiscaalvrij schenken

Jaarlijks mag u fiscaalvrije schenkingen doen. Voor uw kind geldt voor 2024 een bedrag van € 6.633. Ook mag u een ieder ander, zoals een kleinkind of een goede vriend, een fiscaalvrije schenking doen. Hiervoor geldt een bedrag in 2024 van € 2.658. Deze bedragen worden jaarlijks aangepast.

Voormalige vrijstelling eigen woning

Tot 2024 bestond er een specifieke fiscale vrijstelling voor schenkingen ten behoeve van een eigen woning, destijds beter bekend als de jubelton. Hoewel deze vrijstelling vooral werd toegepast door ouders aan hun kinderen, bleef de vrijstelling hiertoe niet beperkt. Ook schenkingen van anderen dan de ouders waren onder omstandigheden vrijgesteld als ze werden benut voor de aanschaf van een eigen woning.

Eenmalig verhoogde vrijstelling voor kinderen

Een al langer bestaande fiscale vrijstelling, en die nog steeds van kracht is, is de eenmalige vrijstelling bij schenkingen van ouders aan hun kinderen in de leeftijd tussen 18 en 40 jaar (of op de dag dat het kind 40 wordt). Deze vrijstelling bedraagt in 2024 € 31.813. Is het bestedingsdoel echter een dure studie, dan bedraagt de vrijstelling € 66.268.

Niet beiden

Een van de voorwaarden van de grotere schenkingsvrijstellingen is dat niet beiden mochten. Er kon bij de grotere schenkingen tot 2024 dus of gebruik worden gemaakt van de ‘jubelton’ of van de eenmalige verhoogde vrijstelling.

Zitten vrijstellingen elkaar in de weg?

In een zaak bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant was sprake van een schenking in 2019 ten behoeve van een eigen woning door een vader aan zijn kind. De vader had het kind in 2011 ook al een bedrag geschonken waarbij gebruik was gemaakt van de eenmalig verhoogde vrijstelling voor kinderen. De vraag was of de vrijstelling uit 2011 de vrijstelling ten behoeve van de eigen woning in 2019 in de weg zat. Dat bleek inderdaad het geval.

Uitvoerbaarheid doorslaggevend

Voor de rechtbank bleek dat de wetgever op dit punt de uitvoerbaarheid van de wetgeving doorslaggevend achtte. Bepaald was dat degenen die vanaf 2010 de eenmalig verhoogde vrijstelling voor kinderen al hadden benut, niet ook van de vrijstelling voor de eigen woning gebruik konden maken. Ook niet als de eenmalig verhoogde vrijstelling maar ten dele was benut. Dat dit onredelijk kon uitpakken, had de wetgever op de koop toe genomen om de uitvoerbaarheid van het geheel aan vrijstellingen niet in gevaar te brengen. De vrijstelling voor de eigen woning kon in dit geval dan ook niet worden toegepast.

Let op! Als u gebruikmaakt van de eenmalige verhoogde schenkingsvrijstelling voor uw kind (in 2024 € 31.813), mag u in dat jaar niet ook nog het reguliere bedrag (in 2024 € 6.633) fiscaalvrij schenken.

Vanaf 2 september 2024 kunnen Zwv-pgb-zorgverleners die tijdens de coronacrisis een uitzonderlijke prestatie hebben verricht een zorgbonus aanvragen. In tegenstelling tot andere zorgverleners had bovengenoemde groep nog geen zorgbonus gehad. Dit wordt nu dus rechtgetrokken.

Medisch

Uitzonderlijke prestatie

Alleen degenen die een uitzonderlijke prestatie hebben geleverd komen voor de zorgbonus in aanmerking. Het gaat dan bijvoorbeeld om zorgverleners die patiënten bleven verzorgen die het coronavirus hadden of geen vakantie konden opnemen.

Omvang bonus

Er komen twee bonussen beschikbaar. De eerste bedraagt € 1.000 netto voor Zvw-pgb-zorgverleners die werkten in de periode 1 maart 2020 tot 1 september 2020. De tweede is voor diegenen die werkten in de periode 1 oktober 2020 tot 15 juni 2021. Deze bonus bedraagt € 384,71.

Voorwaarden

De zorgbonus kent nog enkele aanvullende voorwaarden. Zo moet er bij de budgethouder gewerkt zijn op basis van een arbeidsovereenkomst of overeenkomst van opdracht. De zorgverlener mag geen eerste- of tweedegraads familielid zijn, niet meer dan twee keer modaal verdienen bij een voltijdse werkweek en nog geen bonus hebben ontvangen.

Aanvragen

De zorgbonus kan online bij de SVB worden aangevraagd van 2 september 2024 9.00 uur tot 24 oktober 2024 18.00 uur. Na de aanvraag wordt gecontroleerd of aan alle voorwaarden is voldaan. Is dit het geval, dan wordt de zorgbonus aan de zorgverlener uitbetaald.

Vrijdag 23 augustus jl. heeft de Ministerraad ingestemd met de Belastingplannen 2025. De plannen worden nu voor spoedadvies voorgelegd aan de Raad van State en op Prinsjesdag 2024 gepresenteerd aan de Tweede Kamer.

Binnenhof

De volledige inhoud van de Belastingplannen 2025 is nog niet bekendgemaakt. Wel is duidelijk dat met onder meer de volgende wetsvoorstellen is ingestemd.

Wetsvoorstel Belastingplan 2025

In het Belastingplan 2025 zijn in ieder geval verschillende fiscale maatregelen opgenomen uit het Hoofdlijnenakkoord. Dit betreffen onder meer de verhoging van het btw-tarief op logies van 9% naar 21% en het beperken van de aftrek van giften in de inkomstenbelasting.

Wetsvoorstel Overige fiscale maatregelen 2025

In dit wetsvoorstel is onder meer het vervallen van de bpm-vrijstelling voor bestelauto’s van een ondernemer opgenomen. Ook stelt het kabinet in dit wetsvoorstel voor om de Wet Modernisering elektronisch berichtenverkeer voorlopig niet te laten gelden voor de Belastingdienst.

Wetsvoorstel Aanpassing fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2025

Eind 2023 zijn al verschillende wijzigingen in de bedrijfsopvolgingsfaciliteiten in de wet opgenomen. Een van die wijzigingen is met ingang van 2024 al van kracht, overige gaan in met ingang van 2025. Daarnaast worden in het wetsvoorstel Aanpassing fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2025 nog meer wijzigingen voorgesteld die per 2025 of 2026 ingaan. Het betreffen hier onder meer het beperken van de toegang tot de faciliteiten tot ondernemers en de versoepelingen van de bezits- en voortzettingseis. Ook worden maatregelen voorgesteld die oneigenlijk gebruik van de BOR op hoge leeftijd of dubbel gebruik van de BOR tegengaan.

Voorstel tot beëindiging van de salderingsregeling voor elektriciteit

In het Hoofdlijnenakkoord is afgesproken dat de salderingsregeling die geldt voor de teruggeleverde elektriciteit van zonnepanelen, met ingang van 2027 eindigt. Het is de bedoeling dat vanaf die datum actieve afnemers een redelijke vergoeding ontvangen voor alle teruggeleverde elektriciteit.

Overige wetsvoorstellen

De Ministerraad stemde ook nog in met het wetsvoorstel Tegemoetkoming onterechte afwijzing buitengerechtelijke schuldregeling, het wetsvoorstel Wet eigen bijdrage Huurtoeslag ter verbetering van de koopkracht per 2025 en vereenvoudiging van de regeling en het wetsvoorstel Belastingplan BES-eilanden 2025.

Let op! De wetsvoorstellen liggen nu voor spoedadvies voor bij de Raad van State. Mogelijk vinden naar aanleiding van adviezen van de Raad nog aanpassingen plaats. De definitieve wetsvoorstellen en de nadere details daarvan worden op Prinsjesdag 2024 bekend.

Had u in 2023 recht op zorgtoeslag, huurtoeslag of kindgebonden budget, vraag deze dan uiterlijk 1 september 2024 aan. Latere aanvragen worden in principe afgewezen.

Laptop

Uitzondering

Dit is alleen anders als u of uw toeslagpartner uitstel heeft gekregen voor het indienen van de aangifte inkomstenbelasting. U kunt de toeslagen dan nog aanvragen totdat het uitstel afloopt.

Let op!  Voor de kinderopvangtoeslag geldt een andere regeling, deze toeslag moet u zo snel mogelijk aanvragen. Dit betekent binnen drie maanden nadat u er recht op krijgt!

Recht op toeslag?

U kunt op de site van de Dienst Toeslagen checken of u recht heeft op een toeslag. U kunt hier ook een proefberekening maken, zodat u kunt zien op welk bedrag aan toeslag u recht heeft.

Ten onrechte geen aanvraag

In de praktijk blijkt dat vele duizenden rechthebbenden op een toeslag, deze toeslag niet aanvragen. Het betreft zo’n 10% van alle huishoudens die er recht op hebben. De redenen dat de toeslagen niet worden aangevraagd zijn onduidelijk.

Mijn Toeslagen

De overheid doet er alles aan om het aanvragen van toeslagen zo eenvoudig mogelijk te houden. Aanvragen kan digitaal met behulp van DigiD via Mijn Toeslagen. U kunt hier ook uw gegevens wijzigen als dat nodig is. 

Wanneer u als werkgever een werknemer een bedrijfsauto ter beschikking stelt, deze niet voor privé gebruikt dient te worden, en er derhalve ook geen bijtelling plaatsvindt, moet worden aangetoond dat uw werknemer met die auto maximaal 500 kilometer per kalenderjaar privé rijdt. Belangrijk is dat u hierover duidelijke afspraken maakt met uw werknemer en dat u controles uitvoert.

Auto

Aanvaardbaar bewijs voor geen privégebruik bedrijfsauto

Er is sprake van aanvaardbaar bewijs als u en uw werknemer schriftelijk hebben afgesproken dat privégebruik niet is toegestaan. U controleert het autogebruik, denk aan een sluitende rittenregistratie door middel van een rittenregistratiekastje, en u administreert uw bevindingen. Daarnaast heeft u uw werknemer niet verzekerd voor privégebruik van de auto. Bij overtreding van het verbod legt u een passende sanctie op, bijvoorbeeld een geldboete die in verhouding staat tot de loonheffingen over het privégebruik. Vervolgens intensiveert u na een eventuele sanctie het toezicht.  

Voor ondersteunend bewijs dat er sprake is van zakelijke ritten, kunt u ook andere gegevens vastleggen. Denk hierbij aan bijvoorbeeld agenda’s en werkroosters, vakantieoverzichten, ziekte- en verlofstaten, offertes, garagenota’s, schademeldingen, verkeersboetes of tanken buiten werktijd. 

Wanneer er uitsluitend een schriftelijke afspraak tussen u en uw werknemer is dat privégebruik is verboden, en waarin ook sancties zijn opgenomen, maar waar niet uit blijkt dat er controle is, dan geldt dat niet als aanvaardbaar bewijs. Ook alleen een gespecificeerde schatting van het zakelijk gebruik van de auto en van het woon-werkverkeer, voldoet niet.

Duidelijke afspraken en controle

Het is van belang dat u duidelijke afspraken met uw werknemer maakt wat moet worden vastgelegd en hoe u controleert. Bij een werknemer die een onregelmatig reispatroon heeft en intensief gebruikmaakt van de bedrijfsauto, zult u vaker moeten controleren dan bij een werknemer met een regelmatig reispatroon en minder intensief gebruik. De resultaten van die controles legt u vast in uw loonadministratie. 

Bij een onderzoek door de Belastingdienst moet u aannemelijk kunnen maken dat u voldoende aandacht heeft besteed aan controle van het autogebruik. Afwijkingen moeten voorzien zijn van een duidelijke argumentatie of moeten te koppelen zijn aan een opgelegde sanctie.

Weet u niet goed hoe en met welke frequentie u moet controleren? Neem dan contact op met uw adviseur. Die kan samen met u bespreken hoe u afspraken vastlegt en controleert.